Afrikaanse varkenspest

Afrikaanse varkenspest

Actueler dan ooit is de Afrikaanse varkenspest (AVP). Recent (begin juli 2022) is er Afrikaanse varkenspest aangetoond in het naastgelegen gebied Emsbüren (zo’n 10-15 kilometer van de Nederlandse grens). Het getroffen bedrijf met zo’n 280 zeugen is geruimd en er is een vervoersverbod opgelegd in een straal rondom het bedrijf. Reden te meer om wat meer relevante informatie over deze meldingsplichtige ziekte te delen. Voor de varkenshouders is de volgende informatie van belang: de klinische verschijnselen van AVP, de risicofactoren voor een besmetting met AVP en de aanpak van AVP.

Klinische verschijnselen

Zoals de naam al doet vermoeden zijn de klinische verschijnselen van Afrikaanse varkenspest enigszins gelijkend op die van klassieke varkenspest. De infectie kan erg acuut verlopen met hoge koorts en slappe varkens. Een meer subklinische/chronische vorm is ook beschreven in landen waar de ziekte endemisch is. Onvoldoende of geen voeropname, ontstekingen aan de slijmvliezen van de ogen en een rode huid zijn opvallend. Hoesten, ademhalingsproblemen, abortus, doodgeboorte en slappe tomen zijn ook verschijnselen bij acute AVP. Daarnaast wordt er veel braken en (bloederige) diarree gezien. Bij pathologisch onderzoek (sectie) worden veel bloedingen in bijna alle organen gevonden, zwelling van de milt met infarcten, longoedeem en ontsteking van de maag. Dit alles kan resulteren in een zeer hoog sterftepercentage van wel 90 tot 100 procent, afhankelijk van de virulentie van de AVP-stam.

Zoals hierboven beschreven zijn de klinische verschijnselen van Afrikaanse varkenspest vrij breed en daarmee niet erg specifiek. Diagnostisch gezien komen dus vele andere aandoeningen, zoals klassieke varkenspest, circovirus infectie, vlekziekte, salmonellose, etc. in aanmerking. Zeker bij een subacute of chronische vorm wordt er vaak niet direct aan AVP gedacht. Hierin kan enkel verder diagnostisch onderzoek uitsluitsel bieden.

Afrikaanse varkenspest virus kan middels PCR onderzoek binnen enkele dagen in weefsel worden aangetroffen (dit blijft overigens tot zes maanden na infectie aantoonbaar). IgG-antilichamen zijn in de periode tussen de 6 dagen en 10 maanden na infectie aantoonbaar in bloedmonsters. De betreffende testen worden ingezet op basis van de eigenschappen en verdenking van het moment van infectie.

Risicofactoren

Met betrekking tot de risicofactoren voor de besmetting met Afrikaanse varkenspest staat aanvoer van varkens met stip op nummer één. Aanvoer van besmette varkens in een naïeve populatie dieren zorgt voor een hoge verspreidingsgraad binnen het koppel waarmee het besmette dier contact heeft gehad (R0=5). Opmerkelijk is het feit dat de verspreidingsgraad tussen de hokken afzonderlijk veel lager ligt (R0= 0.5-2.7). Wilde zwijnen zijn, net als gedomesticeerde varkens, ook erg gevoelig voor Afrikaanse varkenspest. Verspreiding vanuit wilde zwijnen is daarom indirect ook zeer zeker een risicofactor. Contact met jagers of het meenemen van in het buitenland geschoten wilde zwijnen is daarom een risicofactor voor de insleep van AVP.

Dit neemt niet weg dat besmetting zeer zeker ook via indirect contact kan worden overgedragen. AVP kan in alle lichaamsvloeistoffen van het varken voorkomen en zich via deze route ook verspreiden. Hierbij moet dus worden gedacht aan speeksel, bloed, sperma, mest en urine. Deze lichaamsvloeistoffen kunnen via kleding, vrachtwagens of gebruiksmaterialen worden overgebracht. Ook huisdieren of plaagdieren (ratten, muizen, etc.) kunnen het virus op deze wijze verslepen.

In producten van besmette dieren (varkensvlees, andere vleesproducten en slacht-/keukenafval) kan het virus zich maanden tot zelfs jaren handhaven. Swill-voedering (het voeren van keukenafval) is in Nederland verboden.

Afleidend aan de hiervoor genoemde verspreidingsvormen van AVP zijn de belangrijkste preventieve maatregelen gericht op het voorkomen van insleep van het virus. Dit houdt in extra aandacht voor zowel de interne als zeker ook de externe biosecurity. Het werken met schoon materieel (gebruiksmateriaal én transportmateriaal) is van belang. Daarnaast is een goede ongediertebestrijding vereist. Met betrekking tot bezoekers is het advies (ook in het kader van andere besmettelijke aandoeningen) om altijd bedrijfskleding én -schoeisel te dragen. Overwogen kan worden om bezoekers te laten douchen voorafgaand aan het betreden van de stal of om een varkens-vrije periode voorafgaand aan het bedrijfsbezoek te eisen.

Aanpak Afrikaanse varkenspest

Aangezien er (nog) geen vaccin geregistreerd is tegen Afrikaanse varkenspest en door het zeer hoge sterftepercentage wat vaak optreedt in niet-endemische gebieden, is de aanpak van AVP tot op heden erg beperkt. In het geval van een uitbraak met Afrikaanse varkenspest wordt het draaiboek vanuit de NVWA gevolgd, waarbij vooralsnog de enige optie het toepassen van ‘stamping-out’ (ruimen van de betreffende veestapel) is. Antibiotica zijn bij AVP niet werkzaam aangezien het een virale aandoening betreft. Er zijn publicaties uit 2019 en 2021 waarbij wordt gesproken over de ontwikkeling van effectieve vaccins tegen AVP. Deze zijn echter nog niet voldoende ontwikkeld en derhalve nog niet beschikbaar voor toepassing in de varkenshouderij. De volledige focus moet dus liggen op het voorkomen van insleep van AVP binnen de Nederlandse varkenshouderij.