Vruchtbaarheid

Vruchtbaarheid is een van de belangrijkste pijlers binnen het melkveebedrijf. Het is echter geen onderdeel wat in één dag is te verbeteren. Om de vruchtbaarheid op de langere termijn naar een hoger niveau te brengen is daarom een gestructureerde aanpak nodig. Een aanpak die we samen met onze klanten opstellen, evalueren en bijstellen indien nodig.  

Vruchtbaarheidsresultaten zijn afhankelijk van veel verschillende factoren. Om vooruitgang te boeken is het van belang om deze factoren goed in beeld te hebben. Immers, je kunt pas bepalen wat de strategie wordt als je weet waar je op dit moment staat.

Meten is weten, het klinkt misschien cliché maar vormt wel de basis van onze vruchtbaarheidsbegeleiding. Door gestructureerd de benodigde data te verzamelen kan er gericht een plan worden opgesteld om de doelen van onze klanten te behalen. Dat de doelen per veehouder heel wisselend kunnen zijn spreekt voor zich, daarom leveren we voor elke klant een individueel concept op maat.

Om bij het vergaren van de nodige data niet te verzanden in een oneindige reeks getallen, maken wij op dit moment gebruik van het softwareprogramma Vetwerk. Dit programma biedt ons een eenvoudige manier om de gewenste data en bevindingen te combineren, analyseren en vervolgens te gebruiken als de basis van het advies. 

Onze diensten

Praktisch gezien bieden wij vruchtbaarheidsbegeleiding door middel van echografie (scannen). Hiermee kan niet alleen de drachtcontrole worden uitgevoerd, maar kan er ook worden gekeken naar de conditie van de baarmoeder en het functioneren van de eierstokken. Aan de hand van deze bevindingen wordt indien nodig de juiste behandeling ingesteld om de koe op het gewenste moment drachtig te kunnen krijgen.

Voor het optimaal opstarten van de verse koeien wordt het scannen uitgebreid met het scoren van de Body Condition Score (BCS), het testen op slepende melkziekte (ketose) en controle op het voldoende opschonen van de baarmoeder.

Terugkoppeling bij metabole aandoeningen vindt plaats richting de voeradviseur om indien nodig het rantsoen aan te passen. Ook bevindingen bij het insemineren (door de veehouder zelf of van inseminatoren) worden bij de vruchtbaarheidsbegeleiding meegenomen. Zo wordt er samen met alle betrokkenen gewerkt aan een optimale vruchtbaarheid. Daarbij wordt niet alleen naar al het bovenstaande gekeken, maar wordt ook breder naar de bedrijfsvoering en niet te vergeten de transitie gekeken. Een goede droogstand vormt immers de basis voor een goede lactatie!